• Voorwaarden
• Recordverbetering
• MAC kampioenen
• Indoorrecords
• Outdoorrecords
• Criterium
• Atleten v/h jaar
• Lexicath
• 't Vedetteke
• Kleding
• Foto's
|
|||||||
|
Atleten van het jaar op de piste (indoor + outdoor)
Het doel van deze trofee is het bekronen van de atleten met de beste prestatie op de piste (indoor en outdoor) op hun naam. Dat gebeurt door elke beschikbare prestatie van een atleet te vergelijken met het clubrecord van het voorgaande seizoen.
Volgende atleten van het jaar worden bekroond: • Atlete van het jaar op de piste (indoor en outdoor) benjamins, pupillen en miniemen meisjes • Atleet van het jaar op de piste (indoor en outdoor) benjamins, pupillen en miniemen jongens • Atlete van het jaar op de piste (indoor en outdoor) kadetten, scholieren en juniors meisjes • Atleet van het jaar op de piste (indoor en outdoor) kadetten, scholieren en juniors jongens • Atlete van het jaar op de piste (indoor en outdoor) seniors en masters vrouwen • Atleet van het jaar op de piste (indoor en outdoor) seniors en masters mannen
Per atleet wordt slechts de beste prestatie in rekening gebracht. De atleet die voldoet aan de algemene voorwaarden en die de hoogste score behaalt, wordt atleet van het jaar op de piste in zijn/haar categorie. In geval van ex-aequo worden de scores van de op één na beste prestatie vergeleken enz. tot uitsluitsel wordt verkregen.
Berekeningsmethode Iedere prestatie, door een atleet geleverd, wordt vergeleken met een overeenstemmende referentieprestatie. Die referentieprestaties geven immers een getrouw beeld van het niveau van de club. De atleet met de prestatie die het meeste punten oplevert, wordt atleet van het jaar. De referentieprestatie is het clubrecord in een bepaald onderdeel (vb. kogelstoten) en categorie (vb. scholieren) dat van kracht was na het einde van het voorgaande seizoen. Gedurende de volledige duur van het aan de gang zijnde seizoen blijft in de berekeningen de waarde van dit clubrecord onveranderd, zelfs al wordt het ondertussen verbeterd. Meerkampen worden slechts in aanmerking genomen vanaf kadetten. Bij de jeugdcategorieën kan de samenstelling van de proeven immers van meeting tot meeting verschillen.
Gebruikte formules Voor disciplines waarvan de resultaten uitgedrukt worden in tijd (loopnummers) Puntentotaal = 1.000 x (clubrecord / behaalde prestatie) Voor disciplines waarvan de resultaten uitgedrukt worden in afstanden of punten Puntentotaal = 1.000 x (behaalde prestatie / clubrecord) Twee voorbeelden ter illustratie: Vb 1. : Stel : Het clubrecord op de 60 meter bedraagt 9,00 seconden. Hoeveel punten behaal ik als ik : 8,00 seconden loop ? Antwoord : 1.000 x (9,00s / 8,00s) = 1125 punten. 10,00 seconden loop ? Antwoord : 1.000 x (9,00s / 10,00s) = 900 punten. Vb 2. : Stel : het clubrecord hoogspringen bedraagt 2,00 meter. Hoeveel punten behaal ik als ik: 2,10 meter spring ? Antwoord : 1.000 x (2,10m / 2,00m) = 1050 punten. 1,90 meter spring ? Antwoord : 1.000 x (1,90m / 2,00m) = 950 punten.
Rugwind bij pistemeetings Bij de loopnummers tot en met 200 m, bij het ver- en hinkstapspringen wordt rekening gehouden met een maximale toelaatbare rugwind van 2 m/s. Indien voor bovenvermelde nummers de officiële uitslag een windsnelheid van meer dan 2 m/s vermeldt, kan een prestatie niet in aanmerking genomen worden voor het eindklassement.
Correctie handgestopte tijdopname bij pistemeetings. De formule houdt enkel rekening met electronische tijden. Eventuele handgestopte tijden (nauwkeurigheid 0,1 s) worden vooraf omgezet naar electronische tijden (met nauwkeurigheid 0,01 s) volgens de volgende voorschriften van de Vlaamse Atletieliga : • Voor loopnummers tot en met 200 m zal 24/100" bij de handgestopte tijd worden bijgeteld. Voorbeeld : 11,2 wordt 11,44 • Tussen 201 en 400 m zal 14/100" bij de handgestopte tijd worden bijgeteld. Voorbeeld : 1’01”6 wordt 1’01”74. Idem bij 4 x 80 m en 4x 100m. • Vanaf 800 m wordt de handgestopte tijd afgerond naar het volgende tiende. Voorbeeld : 2’02”3 wordt 2’02”40. Idem voor 4 x 200m, 4 x 400m, …
Drempelwaarde Om te voorkomen dat een mindere prestatie resulteert in de bekroning van atleet van het jaar, wordt een minimum te behalen drempel opgelegd. Deze bedraagt 70% van het clubrecord dat gold aan het einde van het voorgaande seizoen. Indien in een bepaalde categorie geen enkele atleet de minimum te behalen drempel overschrijdt, wordt in deze categorie geen atleet van het jaar bekroond. Eventueel kan het bestuur beslissen dan een prijs toe te kennen aan de “meest verdienstelijke atleet”.
Atleten van het jaar veldlopen en recreatielopen (joggings) Het doel van deze trofee is het bekronen van de atleten met de beste prestaties over het hele seizoen in het veldlopen en bij de recreatielopen (joggings). Er kunnen enkel punten behaald worden op de door het bestuur geselecteerde veldlopen en recreatielopen. Deze selectie gebeurt jaarlijks zodra de data van de veldlopen en recreatielopen bekend zijn. De geselecteerde wedstrijden voor “atleet van het jaar recreatielopen” zijn dezelfde als deze die gelden voor het regelmatigheidscriterium joggings en recreatielopen Volgende atleten van het jaar worden bekroond. • Atlete van het jaar veldlopen benjamins, pupillen en miniemen meisjes • Atleet van het jaar veldlopen benjamins, pupillen en miniemen jongens • Atlete van het jaar veldlopen kadetten, scholieren en juniors meisjes • Atleet van het jaar veldlopen kadetten, scholieren en juniors jongens • Atlete van het jaar veldlopen seniors en masters vrouwen • Atleet van het jaar veldlopen seniors en masters mannen • Atlete van het jaar recreatielopen seniors en masters vrouwen • Atleet van het jaar recreatielopen seniors en masters mannen Berekeningsmethode Voor iedere veldloop of recreatieloop worden de behaalde punten als volgt berekend :
De INT-functie (int = integer = geheel getal) wordt gebruikt ter voorkoming van cijfers na de komma. Van iedere behaalde score wordt alleen het gehele getaldeel weerhouden. (cijfers na de komma vallen gewoon weg).
Bij recreatielopen wordt de rangorde dames en heren door elkaar als maatstaf genomen.
VOORBEELDEN TER VERDUIDELIJKING VAN DE FORMULE
Selectie beste resultaten per atleet bij het veldlopen Indien het aantal geselecteerde veldlopen gelijk is aan N. Tijdens het seizoen worden per atleet de [(N/2) +1] beste resultaten opgeteld en gedeeld door [(N/2) + 1]. Indien meer dan [(N/2) + 1]. resultaten in rekening kunnen worden gebracht, worden de [(N/2) + 1]. beste resultaten opgeteld en gedeeld door [(N/2) + 1]. Indien minder dan [(N/2) + 1]. resultaten in rekening kunnen worden gebracht, worden alle resultaten opgeteld en gedeeld door [(N/2) + 1].
Een lijst van de aldus bekomen beste resultaten wordt bijgehouden op een analoge wijze als de bestaande lijsten van de clubrecords piste en indoor (dames en heren apart). Selectie beste resultaten per atleet bij de recreatielopen Indien het aantal geselecteerde recreatielopen gelijk is aan N. Tijdens het seizoen worden per atleet de [(N/2) + 1] beste resultaten opgeteld en gedeeld door [(N/2) + 1]. Indien meer dan [(N/2) + 1]. resultaten in rekening kunnen worden gebracht, worden de [(N/2) + 1]. beste resultaten opgeteld en gedeeld door [(N/2) + 1]. Indien minder dan [(N/2) + 1]. resultaten in rekening kunnen worden gebracht, worden alle resultaten opgeteld en gedeeld door [(N/2) + 1].
Een lijst van de aldus bekomen beste resultaten wordt bijgehouden op een analoge wijze als de bestaande lijsten van de clubrecords piste en indoor (dames en heren apart).
Drempelwaarde Om te voorkomen dat een mindere prestatie resulteert in de bekroning van atleet van het jaar, wordt een minimum te behalen drempel opgelegd. Deze bedraagt 70% van het hoogste gemiddelde in de betreffende categorie van veldlopen of recreatielopen die golden aan het einde van het voorgaande seizoen. Indien in een bepaalde categorie geen enkele atleet de minimum te behalen drempel overschrijdt, wordt in deze categorie geen atleet van het jaar bekroond. Eventueel kan het bestuur beslissen dan een prijs toe te kennen aan de “meest verdienstelijke atleet”.
|
|||||||